woensdag 9 november 2016

Observatie Checklist Zelfbeeld


Het volledige document is te downloaden van https://1drv.ms/w/s!AmFoWQtia9hegZwY0xslpJ_oGwuiDw



Datum:  ________

Klas: __________

Docent: ________

+ = vaak
V = soms
0 = nog niet

Leerlingnamen
Zelf-vertrouwen
Zelf-beperking
Zelf-motivatie
intrinsiek
Zelf-motivatie extrinsiek
Gerichtheid: beheersing
Gerichtheid:
prestatie
Onafhankelijk-heid
Afhankelijk-heid
Zelf-kleinering
Perfectio-nisme
Hopeloos-heid
1.
+
0
+
0
+
0
V
0
0
V
0
2.
V
V
0
V
0
+
0
V
V
+
V
3.
V
0
V
0
V
V
V
V
0
0
0
4.
+
V
V
V
V
+
V
+
V
0
V
5.
0
+
0
+
0
+
0
+
+
V
+
Enz.




























































zondag 23 oktober 2016

Over de voorkennis van leerlingen

In mijn vorige bericht over leeromgeving en leerklimaat heb ik de elementen benoemd die de aandacht van docenten verdienen bij het inrichten van de mentale leeromgeving.
Een van die elementen was bekijken, terugkijken en overdenken – goed en nauwkeurig kijken naar wat leerlingen doen en luisteren naar wat ze over het werk zeggen; de observaties gebruiken om leerlingen betere strategieën om te leren aan te reiken; de wereld leren zien door de ogen van de leerlingen; aan de leerlingen vragen wat werkt en wat beter zou kunnen werken.
Teruggrijpend naar een eerder bericht (10-10-2016) waarin ik stel dat, voordat hij met lesgeven begint (‘Zoek blz. 124 eens op in je boek, daar beginnen we vandaag.’) de docent eerst een ‘diagnose’ moet stellen, praten we verder over voorkennis.
Het belang van voorkennis is al heel lang bekend. Sommige onderzoekers zeggen dat wat een leerling in een les leert voor 70-90% wordt bepaald door de voorkennis van de leerling. Meestal richten we ons daarbij op de inhoudelijke voorkennis: ‘Wat weet je al van dit onderwerp?’
Maar de aspecten van het zelfbeeld (de op zichzelf gerichte processen bij een leerling) die hierbij een rol spelen, daar staan we niet vaak bij stil.
Het gaat dan om de ijsberg onder de waterspiegel.


Hattie, (Leren zichtbaar maken, Bazalt Educatieve Uitgaven, blz. 64-70) noemt bijvoorbeeld een aantal aspecten van dit zelfbeeld van de leerling:

·        Self-efficacy is het vertrouwen of het geloof dat we hebben in onszelf om te slagen in het leren.
·        Zelfbeperking ontstaat als leerlingen belemmeringen of problemen aanvoeren die ze de schuld geven voor hun falen, zoals uitstelgedrag of het overdrijven van problemen.
·        Zelfmotivatie kan het gevolg zijn van intrinsieke of extrinsieke beloningen – is het leren zelf dat bevrediging geeft (intrinsiek) of zijn de bijkomende gevolgen de bron van bevrediging (extrinsiek)?
·        Beheersing - Leerlingen richten zich op de ontwikkeling van vaardigheden en zien kundigheid als iets dat door veel inzet kan worden bereikt, of juist Prestatie - Leerlingen willen hun vaardigheden in het bijzonder laten zien door het beter te doen dan hun klasgenoten en zien kundigheid als een vast gegeven en niet als iets dat kan veranderen.
·        Sociaal gedrag - Leerlingen zijn vooral bezorgd over de wisselwerking en de relatie met anderen in de klas.
·        Afhankelijkheid – Onafhankelijk of juist afhankelijk zijn van aanwijzingen van volwassenen, slaafs alles doen wat de leraar zegt, waardoor ze niet leren hoe ze zichzelf kunnen reguleren, monitoren en evalueren.
·        Zelfkleinering en verkeerd zelfbeeld – Leerlingen wijzen informatie als prijzende woorden, straf en feedback af als niet waardevol, niet juist of onbelangrijk.
Bijvoorbeeld: Een leraar zegt tegen een leerling dat hij het heel goed doet, maar de leerling verwerpt de feedback omdat hij vindt dat:
o   De leraar altijd hetzelfde zegt
o   De leraar alleen probeert hem op z’n gemak te stellen
o   De leraar het werk wel netjes vindt, maar dat het niet goed hoeft te zijn.
·        Zelfperfectionisme – Bijvoorbeeld: We kunnen onszelf normen opleggen die zo veeleisend zijn dat, als we er niet aan voldoen, we het als falen zien.
·        Hopeloosheid - De leerling die verwacht dat voor hem niets te bereiken is en dat hij ook niets aan de situatie kan doen.
Hattie heeft deze aspecten verder uitgewerkt en toegelicht dan ik hier weergeef.
Het lijkt duidelijk dat al deze aspecten het leren en presteren van leerlingen zwaarwegend beïnvloeden. Als een docent ze niet herkent, er niet aan sleutelt of ze negeert, kan hij nooit een effectieve docent zijn.

woensdag 12 oktober 2016

Met welke hoop en vrees komt een leerling de klas binnen? Over leeromgeving en leerklimaat

In het vorige bericht worden mogelijke vragen en verwachtingen waarmee leerlingen de klas binnenkomen, opgesomd.

Het begrip ‘leeromgeving’ wordt zowel voor fysieke omgeving als voor het heersende klimaat in een klas gebruikt. Het is het heersende klimaat, de ‘weersomstandigheden’, die alles wat er in de klas gebeurt beïnvloedt
.
Er zijn maar weinig leerlingen die een klas binnenkomen met de vraag ”Wat kunt u me over grammatica leren?” (of het periodieke systeem of gletsjers, etc.). Hun allerbelangrijkste vraag is: “Hoe zal het voor me zijn op deze plek?”

Deze vraag is in het vorige bericht verder uitgewerkt
.
En het is de leraar die het klimaat bepaalt, omdat de respons van de leraar in iedere klassensituatie de beslissende factor is of een kind geïnspireerd of gepijnigd wordt, als mens of als object wordt behandeld, gekwetst of geheeld wordt.
We vatten dat kort samen in “Van relaties naar prestaties’. Vaak beginnen we gewoon met lesgeven, met het toewerken naar leerprestaties, zonder bewuste aandacht voor het opbouwen van een relatie met de individuele leerling of met de klas, voor het vestigen (en later onderhouden) van een positieve leeromgeving die ingaat op de belangrijkste hoop en vrees, vragen en verwachtingen die bij de jonge mensen in de klas leven.
Wat is de mindset die hiervoor nodig is? Welke elementen bevat die mindset?
Volgens verschillende onderzoekers (Berger, 2003; Dweck, 2008: Hattie, 2012; Tomlinson, 2003) gaat het bij de juiste respons van docenten hierom:
·        
     Overtuiging – Vertrouwen in het vermogen van de leerlingen te slagen door hard te werken met ondersteuning van anderen; de overtuiging dat de moeite en arbeid die de betrokken leerling in zijn werk stopt meer bijdraagt aan zijn succes dan zijn genen of zijn sociale afkomst.
·        Uitnodiging – Respect voor de leerlingen, voor wie ze zijn en wie ze zouden kunnen worden; een verlangen om de leerlingen goed te leren kennen zodat je ze goed met je lesgeven kunt bereiken; het bewustzijn van het unieke van een leerling, zijn sterke en zwakke punten; tijd om met leerlingen te praten en naar ze te luisteren;  de boodschap uitzenden dat de klas ook van de leerlingen is; bewijs tonen dat de leerlingen nodig zijn om er een effectieve klas van te maken.
·        Investering – Hard werken om te zorgen dat het lokaal en de groep voor de leerlingen werkt en dat de kracht en talenten van de leerlingen er zichtbaar worden; plezier in en enthousiasme voor het werken met de klas, bevrediging putten uit het ontdekken van nieuwe manieren om de leerlingen te laten groeien; vastberadenheid tonen bij alles uit de kast halen om er zeker van te zijn dat iedere leerling groeit.
·        Kansen grijpen – Belangrijke, waardevolle en spannende taken voor de leerlingen bedenken; openstaan voor en zoeken naar wat bij het lesgeven mogelijk is; hoge verwachtingen van de leerlingen hebben en daarbij coachen en scaffolding verzorgen.
·        Niet verslappen – Een ethiek koesteren van niet aflatende groei, geen finish line hanteren voor wat betreft het leren van docent of leerlingen; geen excuses zoeken voor opgeven; de boodschap uitzenden dat er altijd een andere manier te vinden is om iets te leren.  Bekijken, terugkijken en overdenken – goed en nauwkeurig kijken naar wat leerlingen doen en luisteren naar wat ze over het werk zeggen; de observaties gebruiken om leerlingen betere strategieën om te leren aan te reiken; de wereld leren zien door de ogen van de leerlingen; aan de leerlingen vragen wat werkt en wat beter zou kunnen werken.

maandag 10 oktober 2016

Over huisartsen en onderwijs 2


Een goede huisarts verzorgt een diagnose voordat zij over de behandeling en eventueel medicijngebruik gaat nadenken. 
Als je je auto met een klacht naar de garage brengt, begint de monteur dan meteen te sleutelen?

Wat doet een goede docent met haar leerlingen voordat zij begint les te geven? 
Wat weet een docent van haar leerlingen voordat zij begint met lesgeven? 

Weet zij bijvoorbeeld met welke verwachtingen en dromen ze binnen komen? 
Die hebben ze namelijk wel, alleen zijn ze zich er niet altijd van bewust en kunnen ze die verwachtingen nog niet goed onder woorden brengen. 
Stel dat ze dat laatste wel zouden kunnen, zou het er dan zo uit kunnen zien? Geformuleerd als vragen en twijfels? 

Kan ik mezelf zijn in deze klas? 

  • Zullen de docenten en de leerlingen me hier accepteren?  
  • Zal ik me hier veilig voelen? 
  • Zal iedereen naar me luisteren en horen wat ik zeg? 
  • Zal iemand geïnteresseerd zijn in hoe het me gaat en hoe ik me voel? 
  • Zullen ze mijn interesses en dromen op waarde kunnen schatten? 
Kan ik in deze klas van waarde zijn/iets bijdragen? 
  • Kan ik een positieve bijdrage aan het werken en leren in deze klas en anderen helpen? 
  • Kan ik misschien iets unieks waarmee ik anderen kan helpen en stimuleren? 
  • Willen we genoeg dezelfde doelen bereiken zodat we ons met elkaar verbonden voelen? 
Zal ik in deze klas kunnen leren/groeien? 
  • Ga ik snappen wat leren is en hoe ik kan weten dat ik geleerd heb, gegroeid ben? 
  • Kan ik erop vertrouwen dat ik bij dat leren ondersteund wordt? 
  • Ga ik snappen wat er van me verwacht wordt in deze klas en hoe het hier werkt? 
Heeft wat ik hier leer zin voor mij persoonlijk? 
  • Ga ik begrijpen wat ik precies moet leren? 
  • Zal ik de zin kunnen inzien van wat we hier doen? 
  • Zal ik voor mezelf in mijn wereld genoeg kunnen vinden van wat ik leer? 
  • Zal ik enthousiast worden omdat ik betrokken raak bij wat we leren? 
Zal ik in deze klas uitgedaagd worden / zal het op een goede manier spannend voor me zijn? 
  • Zal wat ik ga leren bouwen op wat ik al weet en kan? 
  • Zal deze klas van me vragen dat ik hard en slim werk? 
  • Zal ik dingen snappen en kunnen doen die in het begin onhaalbaar voor me leken? 
  • Zal ik steeds meer zelf verantwoordelijkheid krijgen voor mijn eigen groeien en dat van anderen? 

Niet alle kinderen zullen deze vragen stellen, maar als docent kun je er zeker van zijn dat ergens in de loop van het jaar (misschien wel heel snel) deze zaken gaan spelen. Kunnen we hierop als docenten anticiperen en ervan gebruik maken bij het scheppen van een goed klimaat in een goede leeromgeving? Kunnen we bij het lesgeven er rekening mee houden?

Wat denk je?


zaterdag 8 oktober 2016

Over huisartsen en onderwijs 1

Wat is volgens jou het belangrijkste dat een goede huisarts moet kunnen doen? 
Bekijk het onderstaande lijstje en zet de items op volgorde van belangrijkheid, het belangrijkste bovenaan : 



  • Een goede diagnose stellen 
  • Een vertrouwensrelatie opbouwen met haar patiënten 
  • Open en transparant communiceren 
  • Haar patiënten motiveren om haar adviezen op te volgen 
  • Op de hoogte blijven van de ontwikkelingen in haar vakgebied, waaronder medicijnontwikkeling, wettelijke bepalingen die voor artsen gelden, regelingen voor de vergoeding van ziektekosten, etc. 
  • Haar praktijk goed organiseren en administreren 


Stel, je komt voor het eerst bij een huisarts met een klacht, laten we zeggen hoofdpijn. 
Zonder verder te onderzoeken wat voor persoon je bent (of je vaak klaagt of weinig, wat voor werk je doet, etc.) en wat je medische historie is, besluit zij tot een behandeling en schrijft een recept voor dat zij aan je overhandigt. 
Een goede huisarts? 

Stel, een klas met 27 leerlingen komt bij een voor hen nieuwe docent binnen en nadat ze namen hebben uitgewisseld begint de docent  les te geven. 
Een goede docent? 




donderdag 6 oktober 2016

Huisarts en onderwijs


Laat ik beginnen met een bericht van jaren geleden, toen ik pas met deze blog begonnen was, te herhalen. Ik doe dat omdat mijn volgende bericht ook weer over de overeenkomsten tussen de rol van de arts en de leraar zal gaan. Dit bericht is daarvoor een opwarmertje. 




Ik was onlangs bij de dokter. Ik had al een tijdje last van een kuchje, dat maar niet weg wilde. We raakten na het onderzoek in gesprek en hij vertelde me dat hij eigenlijk met zijn collega’s in het Gezondheidscentrum waar hij werkte nauwelijks contact had. Hij zag zijn collega’s zelden en besprak wel eens in het voorbijgaan een lastige patiënt of diagnose, maar van enige structuur in het overleg was geen sprake. Ze hadden het allemaal ook zo druk dat ze nauwelijks wisten dat ze leefden, laat staan dat ze ertoe kwamen interessante gevallen te bespreken of elkaar feedback te geven.
Op mijn vraag of hij dan de nodige vakbladen las om toch zijn vakkennis op peil te houden en of hij wel eens naar een congres toe ging, lachte hij wat smalend en gaf me te kennen dat hij na twintig jaar ervaring als huisarts toch zeker wel wist hoe hij zieke mensen moest genezen. En bovendien, voegde hij er aan toe, had hij voor het soort theoretische flauwekul dat zogenaamde experts hem daar voorschotelden toch geen tijd en geduld.
Nee, hij prees zich gelukkig als hij het eind van de week weer gehaald had zonder overspannen te raken.
Ik werd er wat onrustig van, want dit was toch de man die me zojuist had verteld dat er met dat kuchje niets aan de hand was. Dat het gewoon een virale infectie was die voor een geïrriteerde luchtpijp zorgde en die moest slijten. Typisch een geval waar hij niets aan kon doen, weet je wat, hij schreef wel een hoestdrankje met codeïne voor om de irritatie wat weg te nemen. Zo was het consult gegaan.
Voorzichtig vertelde ik hem dat ook mijn zwager door een soortgelijk kuchje was geplaagd en dat zijn huisarts hem daarvoor behandeld had met een nieuw medicijn dat hele goede resultaten bleek op te leveren. Dit was een boodschap die hij duidelijk niet van mij verwacht had en ook niet wilde horen. Hij raakte er ontstemd door en verontwaardigd beet hij me toe: “Wat nou nieuw medicijn?! Ik kan toch wel een diagnose stellen zeker? En u hebt gewoon een virale infectie! Zo doe ik het al jaren en, ik mag wel stellen, met veel succes! Heb ik het al die jaren dan fout gedaan? Dat gaat u me toch niet vertellen zeker? Wacht nou maar af, dat nieuwe medicijn zal over een tijdje gebakken lucht blijken en weest u dan maar blij dat ik niet in die nieuwlichterij ben getrapt!”

Het ergste van deze situatie leek me het isolement waar die dokter in verkeerde. Het isolement, dat hem deels was opgedrongen doordat hij, eenmaal gekozen, het zo druk had dat hij geen tijd meer had om zijn praktijk zo te organiseren dat hij het minder druk kreeg. Zodat hij voor zijn beroepsidentiteit geheel en al was gaan vertrouwen op zijn praktijkkennis en -om maar niet met ‘theoretische flauwekul’ te worden geconfronteerd die zijn praktijkkennis zou kunnen nuanceren- deels zelf voor dat verschrikkelijke isolement gekozen had.
Ben ik even blij dat ik geen arts ben, maar in het onderwijs zit……

zondag 2 oktober 2016

De winterslaap is over, maar ik blijf dromen...

Jaren geleden ben ik met deze blog gestart.
Ik was toen nog dagelijks aan het werk in het onderwijs, zie mijn profiel.

Maar... de inspiratie droogde op en wat deuren die voor me opengingen vroegen al mijn energie.
Inmiddels ben ik bijna twee jaar niet meer in een onderwijsbaan werkzaam en geniet met volle teugen van mijn pensioen.

Ik ben echter mijn passie voor en interesse in alles wat met onderwijs te maken had, niet kwijtgeraakt. Vandaar dat de tijd gekomen is de draad van dit blog weer op te pakken...

dinsdag 16 december 2014

Het gevaar van profeten



Als iemand die mijn hele leven de gulden middenweg zoekt en derhalve polarisatie verafschuwt, ben ik geraakt door een essay van Joke Hermsen in haar bundel 'Kairos, een nieuwe bevlogenheid'.

Ik weet niet of jullie dat herkennen, maar de laatste jaren lees ik zelden één boek tegelijk. Vaak wissel ik het lezen van beschouwende boeken (meer dan een tegelijk) af met het lezen van een, bij voorkeur spannende, romanvertelling.

Ik heb met veel plezier de laatste twee boeken van Joke Hermsen gelezen, 'Stil de tijd' en 'Kairos', essaybundels rond het thema tijd. Om en om, goed te doen bij essaybundels.
Ik heb de ideeën over belevingstijd prima kunnen gebruiken in mijn afscheidsspeech bij mijn pensionering en ze heeft me op het spoor gezet van andere filosofen, waarvoor ik haar dank ben verschuldigd.

Maar ronduit geschrokken ben ik van haar essay in Kairos over het onderwijs, 'Tussen herinnering en hoop, over bevlogen docenten, iPadscholen en narratief onderwijs'.

Profeten hebben vaak een van twee taken: het schetsen van een visioen voor de toekomst (positief) of het waarschuwen voor een wereld die de verkeerde kant op gaat (negatief). Daarom onderscheiden we heilsprofeten en onheilsprofeten.

Met beide heb ik moeite, maar omdat mijn levensfilosofie is dat je in plaats van in het donker turen en steeds weer nieuwe schaduwen ontdekken beter het grote licht kunt aandoen zodat je overzicht hebt, heb ik meer moeite met onheilsprofeten.
En ik gooi er maar een cliché tegenaan: Angst is een slechte raadgever.

Voor zover ik dat kan nagaan, ik ben tenslotte geen filosoof en heb lang niet alles gelezen van Joke Hermsen's bronnen, citeert ze altijd vanuit haar totale kennis van het werk van de desbetreffende filosoof of kunstenaar.

Waarom gaat ze dan zo verschrikkelijk in de fout in haar essay over het onderwijs?
Ten eerste vervult ze min of meer de rol van onheilsprofeet door stelling te nemen tegen ' digitalisering van het onderwijs ', maar dat is tot daar aan toe.

Met het waarschuwen voor die digitalisering is natuurlijk niets mis. Ten minste, als je weet waarvoor je waarschuwt en als je weet dat die waarschuwing terecht is, omdat sprake is van een aanzienlijk gevaar.

Maar uit bepaalde uitspraken blijkt alleen maar een schrijnend tekort aan kennis over (pogingen tot) het gebruik van educatieve technologie in het onderwijs, niet zo vreemd als er een schrijnend tekort blijkt aan kennis van het gehele onderwijs.
En dan wordt het waarschuwend vingertje een andere zaak.

Ik zet enkele uitspraken in het essay op een rijtje:

  1. 'Alle onderwijsvernieuwingen, van de Mammoetwet, de 'HOS-nota' tot en met de invoering van de 'tweede fase' werden thuis kritisch tegen het licht gehouden.'
    Opvallend dat de HOS-nota een onderwijsvernieuwing wordt genoemd en niet een ordinaire bezuinigingsoperatie, wat het was.
  2. 'Want wat men bij het nieuwe leren en het digitale leren (sic!) nogal eens vergeet, is dat objectieve feiten niet bestaan. Ze (?) ontstaan pas als ze opgenomen worden binnen de context van een bepaald verhaal of wetenschappelijk paradigma, dat zelf ook altijd een interpretatie van de werkelijkheid is. Leerlingen moeten die verhalen en paradigma's leren wegen en beoordelen en dat lukt niet als ze alleen maar feiten verzamelen op een iPad.'
    Ik ben eerlijk gezegd nog nooit vormen van het nieuwe leren en van leren ondersteund door educatieve technologie tegengekomen waarbij het alleen maar om feitenkennis ging. Gelukkig maar! En worden iPads gebruikt om louter en alleen feiten te verzamelen? En al die digitale schoolboeken dan en al die apps voor verwerking?
  3. 'Docenten die slechts de zelfstandig op hun iPads surfende leerlingen dienen te coachen, zullen deze culturele en morele sensitiviteit niet kunnen bijbrengen.' 
    Maar waar heeft Joke Hermsen dit schrikbeeld in de praktijk kunnen waarnemen? Vanwaar die angst en bezorgdheid?  Onderschat ze docenten niet schromelijk door ervan uit te gaan dat die zich tot digitale sufferdjes laten terugbrengen?
  4. 'Het ligt daarom voor de hand dat we ons eerst de vraag stellen: wat doet de nieuwe technologie precies met ons?, voordat we weer een nieuw schoolmodel implementeren. Het vorige nieuwe-lerenmodel, uit de jaren negentig, werd zo'n fiasco dat er in 2007 zelfs een parlementair onderzoek aan te pas moest komen.' 
    Was er ooit sprake van een 'nieuwe-lerenmodel'? Het bleek toch juist te gaan om een complex geheel van verschillende uitgangspunten die steeds op een andere manier werd ingevuld zodat 'het nieuwe leren' door verscheidene Nederlandse hoogleraren verschillend werd gedefinieerd en op wetenschappelijke onderbouwing beoordeeld? ? Hoezo fiasco? Kijk eens op scholen als Unic, IJburg College, Niekee, etc. En was het 'nieuwe leren' de aanleiding voor de Commissie Dijsselbloem dat het parlementair onderzoek uitvoerde of was er meer aan de hand?

Maar het ergste is natuurlijk dat zo'n beetje alle misstanden in het onderwijs die in het essay worden genoemd aan de 'totale digitalisering' lijken te worden toegeschreven. Tegen deze simplificatie komt mijn hele onderwijservaring in het geweer, vooral omdat de bronnen die door Joke Hermsen worden genoemd, allemaal weer onderzoeken kennen die het regelrecht tegenovergestelde aantonen of in ieder geval veel van het onheilsdenken ontkrachten.
Van een gedegen analyse van verschillende ontwikkelingen is wederom geen sprake.

Dat de voorgestelde 'oplossingen' en 'aanbevelingen ' (hoewel niet zo genoemd in het essay, maar wel bedoeld), me blij stemmen en naar mijn weten ook sporen met oplossingsrichtingen die scholen kiezen, tegen het overheidsbeleid in, kan de vieze smaak over dit essay niet helemaal wegnemen, helaas.

Maar gauw weer naar de andere essays in 'Stil de tijd' en 'Kairos' toe...

zondag 24 maart 2013

A Year At Mission Hill

A Mind is not a vessel to be filled, but a fire to be ignited.

 In deze Prezi, behalve de fimpjes over Mission Hill School, genoeg stof om nog eens diep na te denken...